Interview Jolanda en Lies

Jolanda en Lies

Realist versus enthousiasteling

Jolanda en Lies kennen elkaar niet. Toch hebben ze veel gemeen, vooral de laatste maanden. Ze wonen niet alleen in dezelfde wijk, hun huis is het middelpunt van een grote opknapbeurt. Lies staat aan de vooravond van de werkzaamheden, bij Jolanda zijn ze voltooid. Een gesprek over ervaringen en verwachtingen.

We ontmoeten elkaar in de Thuiskamer. Daar is het lekker warm als Jolanda en Lies binnenkomen. Koffie, thee en gebak nodigen hen uit te gaan zitten in de zithoek. Heel even zijn de twee vrouwen wat onwennig. Maar als de eerste happen gebak zijn doorgeslikt, beginnen ze zelf over het groot onderhoud aan hun woning.

De woning van Jolanda en haar twee kinderen lag begin dit jaar enkele weken overhoop. De badkamer, de keuken en het toilet zijn geheel vernieuwd, en de vloer in de woonkamer is geïsoleerd. Heel blij is Jolanda met de nieuwe, grote badkamer. “De wasmachine en droger staan er naast elkaar.” “Echt waar?” vraagt Lies. Zij kan het niet geloven. Het lijkt haar heerlijk, die ruimte. Lies kijkt ook uit naar de plaatsing van de vaste trap naar zolder. “Een vlizotrapgat is te klein en onhandig om er vaak gebruik van te maken.” En een tweede toilet. “Geweldig!” 

De opknapbeurt biedt een kans om je huis te vernieuwen

Wat Jolanda het meest verbaast, is het enthousiasme waarmee Lies het groot onderhoud tegemoet ziet. “Ik vond het afzien. Wassen deden we met een teiltje, een chemisch toilet stond in de schuur en het wasgoed waste ik in de noodwoning.” Lies vindt het allemaal nog wel meevallen. Sinds een paar dagen zijn de slopers in de weer. Zij heeft het geluk dat haar moeder en schoonmoeder in de buurt wonen. Daar kan zij douchen en wassen. In de herrie en het stof naait zij nieuwe gordijnen. Lies heeft het onderhoud aangegrepen om haar huis in het nieuw te steken. Jolanda knikt. “Eigenlijk is het ideaal. De opknapbeurt biedt een kans om je huis te vernieuwen voor een redelijke prijs.” Wanneer de koffiekoppen leeg zijn en er alleen nog gebakkruimels op de bordjes liggen, volgt de onvermijdelijke vraag aan Jolanda of ze nog een tip heeft voor Lies. Daar moet Jolanda heel goed over nadenken. “Eigenlijk”, zegt ze tenslotte, “ben ik het meeste alweer vergeten. En dat is maar goed ook.”