Interview met Mevrouw Van Helmond-van Gool (91)

Omschrijving....

Hoe ouder, hoe makkelijker

Bij binnenkomst in de woonkamer slaat een hond aan, gevolgd door het vrolijke gefluit van een vogeltje. “U heeft huisdieren?” Mevrouw Sophia van Helmond-van Gool lacht. “Nee, dat zijn mijn porseleinen vriendjes.” Ze wijst met een langzaam gebaar naar de vensterbank. “Ze waken over me en houden me gezelschap.” Gezelschap, dat is waarvan mevrouw Van Helmond geniet.
Deze maand nog wordt ze 92 jaar. Al 36 woont ze in Vierhoven in het West-Brabantse Terheijden. Ze was toen 56 jaar oud. De eerste jaren verzorgde ze er haar zieke echtgenoot. Mevrouw Van Helmond had veel en prettig contact met haar buurtgenoten. Nu is dat wel anders. “Veel ouderen zijn weggegaan of gestorven. En de jongere mensen werken overdag.” De stilte regeert. Maar niet meer voor lang.

Oordopjes

Mevrouw Van Helmond wist meteen dat ze mee wilde doen met het groot onderhoud aan haar woning.
Ze kijkt uit naar aanspraak, naar bedrijvigheid in de straat. 

De stilte regeert. Maar niet meer voor lang.

De overlast die bij de werkzaamheden komen kijken, neemt ze op de koop toe. “Ik heb ergere dingen meegemaakt: de oorlog, de watersnoodramp. Dit is er niets bij. Bovendien: ik douw er gewoon een paar oordopjes in en zet de tv aan.” 
Mevrouw leeft op de benedenverdieping. Toch laat ze haar hele huis opknappen, van de zolder tot de kozijnen, de keuken, toiletten en de badkamer. “Nu ze toch bezig zijn, kunnen ze beter alles ineens aanpakken. Ik zou het vervelend vinden voor de mensen die na mij hier komen wonen als er dan nog van alles moet gebeuren.”

Open huis

Mevrouw Van Helmond heeft vandaag bezoek van haar dochter. Vera van Helmond: “Mijn moeder is er helemaal klaar voor. Van de bewonersbegeleidster heeft ze gehoord hoe ze zich kan voorbereiden. De schilderijen moeten in plastic zakken. De andere spullen vinden zo lang een plekje onder haar bed. De koelkast en het kookplaatje komt in de kamer te staan. Als moeder haar maaltijd kan opwarmen, vindt ze het allang best.”
Vanaf zes uur in de ochtend staat de deur open. Eerst voor de thuishulp, dan voor de werkmannen. “Ik zal zorgen dat ik mijn kousen aan heb als het eerste bezoek arriveert.” Ze lacht weer. Als ze vervolgens wat beweegt in haar stoel, slaat het hondje weer aan. Van de bewonersbegeleidster heeft ze vanochtend gehoord dat na een maand alles af is. “Ik kijk uit naar mijn nieuwe keuken en toilet. Eindelijk weer wat nieuws na al die jaren.”

Feest

Haar verjaardag viert ze niet. Tenminste niet op de dag zelf. En ook niet als haar woning is opgeleverd. Dochter Vera knikt: “Eerst wil ze nog een nieuwe vloer, dan pas mag het bezoek komen. Oh, wat zal ze trots zijn.”